Bezittelijke voornaamwoorden in het Spaans

Pronombres posesivos – bezittelijke voornaamwoorden

Bezittelijke voornaamwoorden stemmen in geslacht en aantal overeen met het geslacht van het zelfstandig naamwoord waar ze bij horen.

Mannelijk enkelvoud Vrouwelijk enkelvoud Mannelijk meervoud vrouwelijk meervoud
mijn mi mi mis mis
jouw tu tu tus tus
zijn su su sus sus
haar su su sus sus
ons nuestro nuestra nuestros nuestras
jullie vuestro vuestra vuestros vuestras
Uw Vuestro Vuestra Vuestros Vuestras
hun su su sus sus

 

bezittelijke-vnw

Lees meer

Mi of me

Wanneer gebruik je ‘mi’ en wanneer ‘me’

‘Mi’ wordt gevolgd door een zelfstandig naamwoord (bezittelijk), en ‘me’ door een werkwoord (wederkerend). Op de foto staan een aantal voorbeelden die dit duidelijk maakt. De vertaling van de zinnen vind je onder de foto.

21849081_1554807414562130_1008686275_n

Mi madre es guapa – mijn moeder is mooi
Mi perro tiene 2 años – mijn hond is twee jaar
Mi casa es la tuya – mijn huis is de jouwe (is van jouw)
Mi apellido es Neruda – mijn naam is Nerudaf
Yo soy tu padre – ik ben jouw vader
Me llamo Pablo – ik heet Pablo
Me levanto tarde – ik sta laat op
Me ducho – ik douche (me)
Me acuesto a las 11 – ik ga om 11 uur naar bed

Lees meer

Het uiterlijk

Describir personas – beschrijven van personen
La descripción física – persoonsbeschrijving

Tener (hebben) & nombre (naam) & adjetivo (bijvoeglijk naamwoord):
El Pelo – het haar
Rubio – blond
Castaño – lichtbruin
Moreno – donkerbruin/zwart
Pelirrojo – rood
Largo – lang
Corto – kort
Liso – stijl
Rizado – krullend
Ondulado – golvend

uiterlijkheden

Los ojos – de ogen
Oscuros (donker), marrones (donkerbruin), negros (zwart)
Azules (blauw), verdes (groen), grises (grijs)

Llevar (dragen) & nombre (naam)
Gafas – bril
Barba – baard
Sombrero – Mexicaanse hoed
Bigote – snor

Lees meer

Onderdelen van het menselijk lichaam en de functie

Welke acties kunnen we uitvoeren met deze delen van het lichaam?

Plaats de functie bij het juiste lichaamsdeel:

relate

Los ojos – de ogen
Los labios – de lippen
Los brazos – de armen
Las manos – de handen
Los pulmones – de longen
La nariz – de neus
Las piernas – de benen
El corazón – het hart

Abrazar – omhelzen
Mirar – kijken
Oler – ruiken
Besar – kussen
Correr – rennen
Respirar – ademen
Latir – kloppen
Tocar – aanraken

Oplossing:

1-B
2-D
3-A
4-H
5-F
6-C
7-E
8-G

Lees meer

Een geluksdieet

Vandaag begin ik met een geluksdieet!

Prohibidos – verboden
Quejas – klachten
Enojos – boosheid
Rencores – rancunes
Vivir del pasado – in het verleden leven
Rodearse de personas negativas – zich omringen met negatieve personen

dieta-alegria

Permitidos – toegestaan
Risas – lachen
Abrazos  omhelzingen
Besos – kussen

Vivir cada momento como si fuera el último de tú existencia
Leef alsof elk moment de laatste is (van je bestaan)

Haga la dieta de la alegría. Una sonrisa por la mañana y un agradecimiento al final del día
Doe het geluksdieet. Een glimlach in de ochtend, en een bedankje aan het einde van de dag

Lees meer