Verbos reflexivos – wederkerende werkwoorden

Wat zijn wederkerende werkwoorden?

Bij een wederkerend werkwoord vind je een wederkerend voornaamwoord zoals ‘zich’. Bijvoorbeeld zich wassen, zich vergissen, enz.  Een aantal van die werkwoorden zijn verplicht wederkerend; dit betreft een werkwoord met een wederkerend voornaamwoord. Je doet het in dat geval altijd bij jezelf en nooit bij een ander. Voorbeelden:

Zich vergissen (ik kan niet een ander vergissen, maar wel: ik vergis me, hij vergist zich etc.)
Zich schamen (ik kan niet een ander schamen, maar wel: ik schaam me, hij schaamt zich etc.)

Andere werkwoorden kunnen zowel met als zonder wederkerend voornaamwoord voorkomen; deze werkwoorden worden ook wel toevallig wederkerend genoemd. Bij wassen is het wederkerend voornaamwoord niet verplicht. Bij ‘ik was me’ wel, maar in het geval je zegt ‘ik was de auto’ niet. Beide opties zijn dus mogelijk.

Vaak zijn deze werkwoorden ook in het Spaans wederkerend. Het hele werkwoord krijgt dan het achtervoegsel ‘se’: bijvoorbeeld lavarse, of vestirse. Bij het vervoegen plaats je dan het aangepaste wederkerig voornaamwoord voor het vervoegde werkwoord. Dat klinkt wellicht ingewikkelder dan het is; het is echter eenvoudig toe te passen.

Je moet de wederkerige voornaamwoorden: me, te, se, nos, os, se leren. Deze komen overeen met de persoonsvorm van het onderwerp. (Lees verder onder het plaatje).

los-verbos-reflexivos

Een voorbeeld: 

lavarse – zich wassen
(yo) me lavo – ik was me
(tú) te lavas – jij wast je
(él, ella, usted ) se lava – hij, zij, u wast zich
(nosotros, nosotras) nos lavamos – wij wassen ons
(vosotros, vosotras) os laváis – zij wassen zich
(ellos, ellas, ustedes) se lavan – zij/u (mv) wassen zich

Niet alle wederkerende werkwoorden in het Spaans zijn dit ook in het Nederlands. Bijvoorbeeld casarse (trouwen), llamarse (heten, noemen), quedarse (blijven), callarse (zijn mond houden), levantarse (opstaan) zijn in het Nederlands niet wederkerend.

Het wederkerig voornaamwoord komt niet altijd voor het vervoegde werkwoord. In constructies met de infinitivo of gerundio kan het achteraan geplaatst worden. In de gebiedende wijs moet het achteraan komen.

Voorbeeld hele werkwoord:

puedo lavarme –  ik kan me wassen
puedes lavarte – jij kunt je wassen
puede lavarse – hij kan zich wassen
podemos lavarnos – wij kunnen ons wassen
podéis lavaros – jullie kunnen jullie wassen
pueden lavarse – zij kunnen zich wassen

Voorbeeld gerundio (wat je op dat moment aan het doen bent)

estoy lavándome –  ik ben bezig me te wassen
estás lavándote – jij bent bezig je te wassen
está lavándose –  hij is bezig zich te wassen
estamos lavándonos – wij zijn bezig ons te wassen
estáis lavándoos – jullie zijn bezig jullie te wassen
están lavándose – zij zijn bezig zich te wassen

Voorbeeld gebiedende wijs

¡Cállate! (Houd je mond!)

Cursus Spaans voor volwassenen

  • Cursus voor 12 weken;
  • 12 online privélessen met gekwalificeerde leraar Spaans;
  • Inclusief toegang tot professionele online campus;
  • Starten op ieder gewenst moment!

Nu € 349,- in plaats van € 375,-


  Ja, ik wil deze cursus boeken! Meer informatie

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *